Nieuws en activiteiten: Open VLD provincie
De beleidsnota van de Provincie Vlaams-Brabant
6 september 2007
Mijnheer de Voorzitter,
Mijnheer de Gouverneur,
Dames en heren van de
deputatie,
Beste Collega’s,
Mijn tussenkomst zal kort zijn. Ik zal het niet, zoals een aantal van de
vorige sprekers, over federale of gemeenschapsthema’s hebben maar over de
provincie Vlaams-Brabant en haar strategische nota.
En wees gerust, mijnheer Dandoy, ook wij distantiëren
ons van de verwerpelijke toespraak van de eerste spreker.
In
december vorig jaar stond ik hier op dit spreekgestoelte en begon ik mijn
toespraak met “voor u staat een blij man”. Wel, beste collega’s, na zes maanden intens werken aan de strategische
nota van deze meerderheid voor de legislatuur 2007-2012 kan ik zeggen dat ik
nog steeds datzelfde gevoel heb.
Deze
meerderheid heeft u een realistische strategische nota voorgelegd. Geen nota waar grote beloftes instaan, maar
een nota die gewoon beantwoordt aan de noden van de Vlaams Brabander en, wat
voor mijn fractie belangrijk is, zonder dat het diezelfde Vlaams Brabander nog
meer geld kost. Dit had ik u beloofd in
december en dit zeg ik u vandaag terug.
Wat
ik in de diverse toespraken van de respectievelijke gedeputeerden regelmatig
hoorde terugkomen, collega’s, is het feit dat wij als provincie meer en meer
een coördinerende rol zullen moeten gaan vervullen.
Onze
missie “actief ten dienste staan van de regio’s en de inwoners” past volledig in dit plaatje.
Ten
dienste staan van de gemeentebesturen is voor ons immers prioriteit nr 1 !
De
lokale besturen krijgen meer en meer taken door de hogere overheden toebedeeld
en de provinciebesturen zullen als intermediair niveau hierop steeds meer een
antwoord moeten bieden vanuit een coördinerende functie.
Een
voorbeeld van hoe het kan en zou moeten werken is, en vergeef me de wielerterm
die ik gebruik maar dat heeft met mijn verleden te maken, de “ronde van
Vlaams-Brabant” die we momenteel afwerken met het autonoom provinciebedrijf
VERA. We hebben sinds april van dit jaar
al meer dan 50 gemeentebesturen ontvangen en gesproken. Luisteren naar diezelfde gemeentebesturen en
nadat de juiste conclusies getrokken zijn een coördinerend geheel opzetten is
één van de belangrijkste taken van ons provinciale niveau. En of het nu om een autonoom provinciebedrijf
gaat of niet doet niets terzake, daar hebben onze gemeentebesturen geen
boodschap aan. Dat wij de gaten opvullen
die door de hogere overheden voor hen gecreëerd worden, dat is wat hen
interesseert ! En dit hoeft niet veel te
kosten, collega’s, de grootste investering die hierin van ons verwacht wordt is
dat we luisterbereidheid tonen en er nadien iets mee doen.
Wat
we voor onze besturen, en dus ook voor onze inwoners, kunnen doen is voor mij
belangrijk, los van het bedrag dat hier tegenover staat.
Het
is bijvoorbeeld niet omdat de bevoegdheid personeel nu toevallig bij één van de
gedeputeerden uit mijn fractie zit dat wij hiervoor nu absoluut meer middelen
zouden moeten gaan opeisen. Integendeel,
wij willen bewijzen dat het met minder ook gaat. De deputatie drukte er vorige
week reeds op, efficiëntiewinsten moeten ervoor zorgen dat we kunnen besparen
zonder dat we onze ambities moeten afzwakken. We moeten ons inderdaad durven afvragen of we wel alle taken die we op
dit moment uitvoeren in eigen beheer moeten blijven realiseren. Personeel
aanwerven is duur en tijdelijke projecten kunnen misschien wel beter
geoutsourced worden in plaats van halstarrig vast te houden aan een bepaald
cijfer over het personeelsbestand. Het
spreekwoord, ooit gelanceerd door een vooraanstaand Vlaams-Brabants politicus:
“alles wat we zelf doen, doen we beter” was misschien toen wel van toepassing
maar wil ik vandaag toch wel nuanceren. “willen we het nog zelf doen, moeten we eerst de zekerheid hebben dat we
het beter doen” lijkt mij vandaag toch iets meer van toepassing.
Als
provincie hebben wij ook een belangrijke rol te spelen naar externe
tewerkstelling toe. Het aanleggen van nieuwe bedrijvenzones en de herinrichting
van enkele belangrijke stationsomgevingen (Diest, Aarschot, Tienen) is een
absolute must. Voor de provincie Vlaams-Brabant werden trouwens reeds 150ha
bedrijventerreinen goedgekeurd bij ministerieel besluit. De deputatie heeft ook
reeds een belangrijke stap gezet in het afbakenen van de kleinstedelijke
gebieden Aarschot, Diest en Tienen. Het afbakeningsproces moet leiden tot een
strategisch masterplan voor de verschillende kleinstedelijke gebieden en zal
een aantal strategische projecten aanduiden die de aantrekkingskracht voor
nieuwe investeringen in wonen en werken verhogen.
Maar
wat voor mijn fractie vooral belangrijk
is, dames en heren, is dat het bewijs geleverd werd dat de gunstige
omstandigheden waarover ik in december sprak geen loze woorden waren en dat het
effectief zo is dat de bewindsploeg van de voorbije zes jaar de tering naar de
nering heeft gezet waardoor we vandaag een financieel gezonde provincie
zijn. En toch moeten we waakzaam
blijven. Ik heb de deputatie mijn woord
gegeven dat ze aan mijn fractie een bondgenoot heeft om erop toe te zien dat geen
buitensporige uitgaven gebeuren en kijk, vandaag kan ik u niet zonder enige
fierheid zeggen dat de Vlaams Brabander de komende zes jaar geen provinciale
belastingsverhoging zal aangesmeerd krijgen. Ik wil de deputatie dan ook uitdrukkelijk feliciteren maar nog meer
bedanken want ik weet hoe moeilijk het is geweest om een strategie voor zes
jaar uit te bouwen en er bovendien ook nog eens de garantie in te bouwen dat we
binnen het huidige budget kunnen blijven. De zes gedeputeerden hebben hier echt wel laten zien dat ze bereid zijn
zes jaar aan een stuk in team verder te werken in het belang van de Vlaams
Brabander. Wij zijn alvast bijzonder
trots dat we dit kunnen verwezenlijken zonder dat deze Vlaams Brabander
hiervoor dieper in zijn geldbeugel zal moeten tasten.
Ik
dank U.
